‘Medaille is belangrijker dan welzijn paarden’

Carl MureauJournalist, Paardensport, Sport

AD/Algemeen Dagblad – 2 januari 2015

Frans Arts stapte recent op als veterinair arts van het Nederlandse enduranceteam. Hij maakt zich ernstige zorgen over het paardenwelzijn in deze tak van sport, waarin een jonge Nederlandse amazone afgelopen zomer vice-wereldkampioene werd. 

Frans Arts maakt zich grote zorgen over de endurance, zeg maar de marathontak van de paardensport. Het welzijn van de dieren is in het geding. ,,De Nederlandse endurance dreigt de verkeerde weg in te slaan,” zegt de dierenarts. Het had de laatste twee jaar al een paar keer goed mis kunnen gaan. Arts herinnert zich ‘vier of vijf’ gevallen, waarin paarden te zwaar werden belast, of waarin dat dreigde te gebeuren. ,,Die dieren hadden wel dood kunnen gaan.”

De endurancesport kreeg eind augustus ruimschoots aandacht, toen Marijke Visser in het Franse Sartilly een zilveren WK-medaille won. Zij zat 160 kilometer op de rug van het toppaard Laiza de Jalima, geleend van een Arabische stal. Teamgenote Joyce van den Berg werd negende met Run du Colombier, afkomstig uit diezelfde stal.

Hun prestatie was een ongekend succes in deze door schatrijke Arabische sjeiks geregeerde sport. Maar in het kleine Nederlandse endurancewereldje werd schande gesproken. Hoe kun je nu paarden lenen van een Arabische stal, als je weet dat in het Midden-Oosten van alles misgaat in de endurance? Paarden krijgen doping toegediend, worden overbelast, breken benen.

Onlangs, drie maanden na het zilveren WK, maakte de paardensportbond KNHS bekend dat Frans Arts opstapt als teamveterinair. Opmerkelijk nieuws. De officiële reden: tijdgebrek. Maar er is meer aan de hand. ,,Er zijn zaken voorgevallen waar ik het niet zo mee eens was,” vertelt hij thuis in het Brabantse dorpje Zeeland.

Is er toch gerommeld met die geleende WK-paarden? ,,Nee,” bezweert Arts (zie kader). ,,Dat is gelukkig goed gegaan.” Maar hij is wél bezorgd over de topsportkoers die Nederland in de endurance vaart. Nota bene deze zelfde man sloeg vorig jaar, samen met Zwitserse collega’s, alarm over misstanden in het Midden-Oosten. Maar plots kijkt het buitenland met kritische blik naar Nederland.

Begin 2011 benoemde de KNHS Emile Docquier tot Nederlandse bondscoach. De aanpak van deze Belg werpt vruchten af, ook omdat hij (jonge) Nederlandse ruiters voorziet van prima paarden uit Frankrijk. Dat die paarden (te) veel wedstrijden in korte tijd moeten lopen, is voor hem geen bezwaar, zo leert de praktijk.

In de aanloop naar de WK kwam het voor dat paarden amper drie weken na een race van 120 kilometer alweer een wedstrijd van 160 kilometer moesten lopen. Volgens de internationale regels kon dat nèt. ,,Maar het was wel op het randje,” geeft Arts toe. ,,En als ik eerlijk ben, dan vind ik dat die pauze tussen wedstrijden eigenlijk langer zou moeten zijn: vijf tot zes weken.”

Infuus

Docquier gaat minder voorzichtig met de paarden om, zeggen insiders. Soms gaat dat bijna mis, zoals in juli van dit jaar, bij de EK voor junioren/young riders in het Italiaanse Verona. Het paard Noniusz werd na twee van de vijf rondes uit de race gehaald. Zijn spieren waren compleet verzuurd en verstijfd. ,,Het dier heeft vijf dagen aan het infuus gehangen om te herstellen, het was bijna doodgegaan,” weet Marc van den Dungen, indertijd voorzitter van de technische commissie endurance.

Arts vindt dat hij als veterinair bij zulke calamiteiten de beslissende stem moet hebben, en niet de bondscoach. In zijn contract stond die taakverdeling wel zo omschreven. ,,Maar ik dacht: als er problemen zijn, lossen we die pratend wel op. Ik heb helaas ervaren dat Docquier, die op technisch vlak ook veel goeds heeft gedaan, erg moeizaam communiceert. Ik heb de KNHS twee jaar lang gevraagd om een brede evaluatie te houden. Die is er niet gekomen. Een gemiste kans.”

Arts wilde op deze voet niet langer doorgaan, omdat hij bang is dat paarden hiervan de klos worden. ,,Bij de route die Docquier bewandelt, kunnen we vraagtekens zetten, omdat paarden boven hun kunnen hebben moeten lopen. Met een stuk of vier, vijf paarden is hij duidelijk te ver gegaan,” is zijn oordeel. ,,Ik vind het jammer dat wij niet tot elkaar konden komen. Blijkbaar is een medaille toch belangrijker dan het welzijn van de paarden.”

Lees ook: Zilver tussen de sjeiks

 

Copyright 2015 De Persgroep Nederland BV
All Rights Reserved