´Ik was alleen maar hoffelijk´

Carl MureauAlgemeen Nieuws, Journalist

Algemeen Dagblad – 7 september 2004

Lubbers voelde zich gehandicapt tijdens onderzoek bij UNHCR

NIJMEGEN| Het eredoctoraat in Nijmegen doet hem kennelijk goed. Ruud Lubbers gaat rustig in op ‘de affaire’, die hem hier nog wel even achtervolgt. U hamert op een humaner asielbeleid. Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken) luistert niet naar oud-politici als Pronk en Dijkstal. Waarom zou ze wel luisteren naar Lubbers?

‘Ik weet niet of ze naar me luistert. Nu wil ik niet het Nederlandse regeringsbeleid wijzigen, maar ik tast wel de marges van het humanitaire denken af. Nederland is een emigratieland geworden, toch bepaalt afschrikking nog steeds het asielbeleid. Ik vind het redelijk dat je ook kijkt in welke mate mensen hier zijn geintegreerd. Ik blijf daarop hameren. En laten we hopen dat de druppel uiteindelijk de steen uitholt.’

 Maar speelt de smet op uw blazoen u geen parten? U bent hoogste baas van de UNHCR, maar blijft ook een mogelijke billenknijper.
Ik denk van niet. Kijk, er is een enorme mystiek ontstaan rond deze kwestie. Ik denk dat het typisch Nederlands is.’

 Wat is er nu werkelijk gebeurd tussen u en die medewerkster?

‘We hadden een vergadering met zeven mensen in mijn kantoor. Na afloop hiervan laat ik haar uit en leg mijn hand op haar rug. Twee mensen hebben dat gezien. Later is een van die twee grappen naar haar gaan maken: ‘De hoge commissaris vindt je kennelijk aardig’. Maar het enige wat ik daar dus heb gedaan, was dat ik hoffelijk tegen haar ben geweest.’

‘Zoals hij altijd doet’, fluistert zijn vrouw Ria, die bij het gesprek is aangeschoven.

Lubbers vervolgt: ‘Precies zoals ik altijd toe. Dit staat ook in het bericht dat ik toen naar Nederland heb gestuurd. Maar in diezelfde tijd kwam er in samenspraak tussen een Nederlandse journalist en de leider van het onderzoek eigenlijk een openlijke advertentie op tv. Er zouden meer klachten zijn en misschien kwam daar wel wat uit. Dat heeft toen allemaal erg lang geduurd, totdat de secretarisgeneraal zei: ‘Zo is het welletjes. De klacht zelf is ongegrond, er is geen andere klacht ingediend. Hier kunnen we niet mee doorgaan’. Toen heeft hij die zaak ook afgesloten.’

 Kofi Annan heeft u wel op de vingers getikt. U had die medewerkster per brief gevraagd haar klacht in te trekken.
 ‘Ik heb alles gedaan om de zaak zo snel mogelijk te beeindigen. De secretaris-generaal had het beter gevonden als hangende het onderzoek verder niets was gebeurd. Maar als de leider van het onderzoek dingen naar buiten laat brengen, ontstaat er een klimaat waarin ik mijn verhaal wel moet doen. Ik heb ook geprobeerd met die vrouw rond de tafel te gaan zitten om de zaken uit te praten. Niemand is gebaat bij vijandsdenken.’

 Heeft u achteraf geen spijt?
‘Absoluut niet. Niet van mijn uitnodiging aan haar, want als er een misverstand is, kun je dat beter uitpraten. En ook niet van mijn vriendschappelijke hand op haar rug. Ik zal dat absoluut weer doen. Ik zal mijn leven niet veranderen. Ik doe dat gewoon.’

Op advies van vrouw Ria vertelt hij een anekdote: ‘Een vriend van me moest laatst een moeilijk gesprek voeren met een vrouwelijke collega. Hij vertelt haar dat ze het goed doet, maar dat er wel punten van kritiek zijn. Anneke begint te wenen, dat kan gebeuren. Maar toen dacht hij aan mij. Normaliter was hij naar haar toegestapt om haar te troosten, maar nu bleef hij als een boeddhabeeld zitten. Toen ze de kamer uit was dacht hij: doe je dat nu wel goed?’

Ria: ‘De wereld gaat aan kouigheid ten onder.’ Ruud: ‘Dus ik ga niet veranderen.’ Wanneer is de kwestie eindelijk afgelopen? De medewerkster overweegt nog steeds in hoger beroep te gaan.  ‘Ik ga daar niet over. Wat kun je eraan doen als een journalist zegt: ik heb weer een verhaal? Je maakt dat zelf niet uit. En laat ik over dat eventuele beroep maar geen uitspraken doen.’

 Affaire-Lubbers
18 mei: Een vrouwelijke VN-medewerker dient een klacht in, omdat haar baas Ruud Lubbers haar tijdens een bijeenkomst in december 2003 seksueel zou hebben lastig gevallen. De Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen zelf ontkent.

19 mei: Echtgenote Ria Lubbers lacht de aanklacht weg en zegt dat haar man lichamelijk is ingesteld.

29 mei: In een brief aan zijn personeel geeft Lubbers toe dat hij een vriendschappelijk gebaar heeft gemaakt, dat voor seksuele intimidatie zou kunnen zijn aangezien.

8 juni: Lubbers blijkt de vrouw die hem beschuldigt te hebben gevraagd de aanklacht in te trekken. De brief waarin hij dit deed, lekt uit. 16 juni: Volgens onderzoek van de VN is hij niet schuldig aan seksuele intimidatie. Secretaris-generaal Kofi Annan vindt wel dat hij de klacht niet goed heeft behandeld.

 Dromen van een humaan asielbeleid
Nijmegen | Als elk land in Europa genoeg vluchtelingen opvangt, hoeft straks niemand meer in handen te vallen van mensensmokkelaars. Ruud Lubbers, Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, hoopt dat die droom binnen tien jaar werkelijkheid wordt.

Als westerse landen ook steun geven aan opvang in de regio’s en repatriering als conflicten voorbij zijn, dan is hier nog genoeg plaats voor getraumatiseerde mensen die opvang echt nodig hebben. ‘Zo wordt mensensmokkelaars de wind uit de zeilen genomen,’ aldus Lubbers.

Hij vindt dat het Nederlandse asielbeleid te veel is gebaseerd op afschrikking: ‘hoe minder vluchtelingen hier, hoe beter’. Bijzondere aandacht vraagt hij voor kinderen. ‘De rechten van het kind behoren te prevaleren boven de beperkingen van de procedure.’

De stroom asielzoekers daalt sterk. Volgens Lubbers komt dit niet door het hardere beleid in Europa. ‘Het komt omdat wij als UNHCR druk bezig zijn oplossingen te zoeken in de regio.’ Hierdoor is Nederland nu emigratieland geworden, aldus Lubbers. ‘De magneetwerking is duidelijk voorbij.’

Lees ook: Ruud Lubbers: Ik heb nergens spijt van

 

© 2004 PCM Uitgevers B.V.  All rights reserved.